je wilt slagen voor je knm examen maar oh wat is die politiek moeilijk geldt dat voor jou kijk dan naar deze video en je herhaalt alle stof over regering wet en [Muziek] politiek Hallo allemaal en welkom bij een nieuwe video over Nederland en de Nederlandse taal in deze video gaat het over het knm thema reg en wet en regering en wet dat is een moeilijk onderwerp voor de meeste dus ik heb twee video's daarover gemaakt één waarin ik de begrippen verklaar en deze video met 46 knm vragen over dit thema na deze video heb je
alle stof die je moet weten herhaald En zou je klaar moeten zijn voor het knm examen voor wat betreft dit onderwerp Mocht je nog andere thema's willen behandelen Kijk dan bij mijn andere video's Ik maak de vragen video's over alle thema's dus je kunt alle thema's op deze manier herhalen stop na elke vraag even de video bedenk Wat je zou willen antwoorden en kijk dan of je het goed hebt als ik de snel praat kun je eh onderin de video kun je de instellingen veranderen dat het langzamer gaat We gaan nu beginnen met vraag 1
vraag 1 Wat is een democratie a een land met een koning B een land met een president of c een land waar leiders gekozen worden door het volk nou Nederland is een democraat En dat betekent dat de de leiders gekozen worden door het volk We mogen stemmen dat is de democratie een land met een koning Dat is een monarchie en een land met een president is een republiek dus Nederland is een monarchie met een democratie een Democratische monarchie t Wat is stemmen a je mag zeggen wat je wil B Je mag geloven wat je wilt
of C Je mag kiezen voor een politieke partij het goede antwoord is C Je mag kiezen voor een politieke partij je mag zeggen en geloven wat je wilt dat zijn grondrechten die staan in de Grondwet Dr Wat is kiesrecht a kiezen en gekozen worden B Je mag kiezen voor een politieke partij of c mensen mogen op jou stemmen het goede antwoord Is A B en C zijn ook goed maar die zijn niet helemaal goed want het is B en C samen met kiesrecht wordt bedoeld dat jij mag stemmen Maar er mag ook op jou gestemd
worden Het actief en het passieve kiesrecht Vraag 4 Hoe vaak zijn er verkiezingen voor het land a elke 5 jaar B elke VI jaar of c elke 3 jaar Nou dat is elke 4 jaar behalve als de regering valt dan moeten we eerder naar de stembus 5 Wie mag er stemmen bij de tweede kamerverkiezingen a Nederlanders van 18 jaar en ouder B antwoord a en mensen die meer dan 5 jaar een verblijfsvergunning hebben of c iedereen van 18 jaar en ouder die legaal in Nederland woont het goede antwoord is a mensen met de Nederlandse nationaliteit
van 18 jaar en ouder mogen stemmen maar hoeveel politieke partijen zijn er dan in Nederland A1 B 2 c 4 of d meer nou er zijn er veel meer nu zitten er 16 politieke partijen in de Tweede Kamer er zitten 16 partijen in de eerste kamer en 11 partijen in het Europese parlement dus het goede antwoord is d vraag 7 Wie mag er stemmen voor de gemeenteraad a Nederlanders van 18 jaar en ouder B antwoord a en mensen die meer dan 5 jaar een verblijfsvergunning hebben c iedereen die in Nederland woont het juiste antwoord is
B alle Nederlanders van 18 jaar en ouder maar ook de mensen die geen Nederlandse nationaliteit hebben maar wel 5 jaar of langer in Nederland legaal wonen en in de gemeente wonen Vraag 8 Hoeveel bestuurslagen heeft Nederland a 1 b 2 c 3 of d 4 C is het goede antwoord drie bestuurslagen de grootste is het land dan de provincie dat Dat is een eh mindere bestuurslaag en dan de kleinste dat is de gemeente land provincie gemeente vraag 9 Wat is geen politieke partij a partij voor het milieu B Partij voor de Dieren c Partij van
de Arbeid of d Partij voor de Vrijheid het goede antwoord is a partij voor het milieu is geen politieke partij antwoord c Partij van de Arbeid die is samengegaan met GroenLinks en heet nu Partij van de Arbeid GroenLinks vraag 10 Hoe vaak stemmen we voor de Europese Unie a elke 5 jaar B elke VI jaar of c elke 3 jaar Hier is het goede antwoord a want voor alles stemmen we É keer in de jaar behalve voor de Europese Unie en daar is het elke 5 jaar vraag 11 alweer is het verplicht om te stemmen
A ja b nee of c wel bij de tweede kamer maar de rest niet Nou het is niet verplicht om te stemmen Het is een recht om te stemmen en geen plicht dus het goede antwoord is B nee vraag 12 je gaat stemmen met je partner je man of je vrouw mogen jullie samen het kieshulp 13 Wat is het parlement a de Tweede Kamer B de Tweede Kamer en de regering of C de Eerste en de twede kamer eh het goede antwoord is C de Eerste en de Tweede Kamer die vormen samen het parlement en
hoeveel leden heeft het parlement dan a75 B 150 of c 225 Let op Het gaat om het parlement dus de Eerste en de Tweede Kamer samen en die hebben samen 225 leden er zitten er 75 in de eerste kamer en 150 in de tede kamer samen is dat 225 vraag 15 wat doen de mensen in Dee kamer a zij controleren de koning B Zij voeren wetten uit of c zij maken wetten en controleren de regering nou goede antwoord is c zij maken wetten en controleren de regering de koning wordt niet gecontroleerd De koning is onschendbaar
dus daar kan niks gebeuren met de Koning en de wetten uitvoeren dat doet niet de Tweede Kamer dat doet de regering die doen wat het beleid wat er in de wetten staat maar wat is dan de regering de Eerste en de Tweede Kamer B de ministers en de koning of C de oppositie de regering wordt gevormd door de ministers en de koning antwoord B de Eerste en de Tweede Kamer dat was het parlement de ministers en de koning is de regering en de oppositie Dat zijn de partijen die niet regeren de andere partijen in de
Tweede Kamer die niet regeren 17 wat doen de mensen in de regering dus die ministers a Zij bepalen Welke straffen bij misdrijven gegeven worden B zij controleren de tweede kamer of c Zij voeren wetten uit Ik had het ernet al gezegd de regering voert wetten uit de regering mag ook nieuwe wetten maken maar zij voeren de wetten uit Zij controleren niet de tweede kamer Het is andersom de Tweede Kamer Controleert de de regering vraag 18 Wat doet de koning eigenlijk a hij ondertekent nieuwe wetten B Hij kiest de regering of c hij bepaalt waar Nederland
het geld aan uitgeeft Nou de koning heeft in de politiek niet zo'n grote rol hij ondertekent nieuwe wetten Dat is zijn rol en hij doet dat eigenlijk altijd Hij kan niet zeggen Nee daar ben ik het niet mee eens ik onderteken hem niet vraag 19 Wat is een kabinet hè We hadden net de regering het parlement maar wat is nou een kabinet a alle ministers en staatssecretarissen B alle ministers of c alle ministers en de koning C is het niet want alle ministers en de koning Dat was de regering en het goede antwoord is a
het zijn alle ministers en de staatssecretarissen maar wat doet zo'n staatssecretaris nou eigenlijk Ah hij is baas van de gemeente B Hij controleert de minister of c hij ondersteunt de minister helpen het goede antwoord is c hij ondersteunt de minister Hij heeft geen macht hè Hij kan niet geen wetten maken Hij kan ook niet de wetten uitvoeren maar hij kan wel de minister helpen wanneer is het Prinsjesdag a de derde dinsdag van september B 15 september of c 20 september Prinsjesdag is altijd de derde dinsdag van september antwoord a wat gebeurt er dan bij prinsjes
dag dat is de volgende vraag a de koning houdt een troonrede B de minister-president vertelt over de plannen van de regering c Dan viert de koning zijn verjaardag het goede antwoord is a de koning houdt een troonrede en de troon dat is die grote stoel waar hij dan op zit de troon is de eh de belangrijke stoel van de koning of de koningin en een reden is een ander woord voor een eh iets dat iemand vertelt aan andere mensen een reden een toespraak en hij houdt een troonrede en die gaan over de plannen van de
regering maar hij vertelt en niet de minister-president dus antwoord B is niet goed het is wel zo dat de minister-president de troonrede schrijft die de Koning voorleest en antwoord C de verjaardag van de koning dat heet Koningsdag en niet Prinsjesdag vraag 23 Over welke zaken beslissen de provinciale staten a straffen uitkering en wegen B onderwijs en immigratie c wegen woongebieden en natuurgebieden Nou het goede antwoord is c over straffen en uitkeringen dat hoort bij het land onderwijs en immigratie wordt ook bij het land Dat is het landelijk niveau Maar wegen door de provincie heen woongebieden
en natuurgebieden dat zijn zaken die voor de provincie tellen en daar beslist de provinciale staten over hoe heet dan de voorzitter van de provinciale staten a de commissaris van de koning B de [Muziek] provincievlag 25 wie kiest de mensen van de de provinciale staten a de Tweede Kamer B de eerste kamer of c het Nederlandse volk het de mensen uit Nederland kiezen de partijen die in de provinciale staten komen antwoord c daar zijn de provinciale statenverkiezingen voor één keer in de vier jaar wie kiezen dan de leden van de Eerste Kamer hè We hebben de
Tweede Kamer gehad We hebben de provinciale staten gehad maar de eerste kamer wie kiest door wie worden die gekozen a de Tweede Kamer B de provinciale staten of c het Nederlandse volk en Het antwoord is B de mensen uit de provinciale staten kiezen de leden van de eerste kamer dus het is een indirecte verkiezing door het Nederlandse volk zij kiezen voor de provinciale staten en die kiezen weer voor de Eerste Kamer 27 wat doen de politici in de eerste kamer a Zij voeren wetten uit B zij spreken recht of c zij controleren de nieuwe wetten
het goede antwoord is c zij maken geen nieuwe wetten Maar ze mogen wel de nieuwe wetten afkeuren of goedkeuren dus als er een nieuwe wet gemaakt wordt of een wetsvoorstel wordt gedaan en hij is niet goed volgens de leden van de eerste kamer dan gaat de wet niet door dan keuren ze hem af hoeveel mensen zitten er in de eerste kamer en dit heb ik al gezegd a 75 b 150 of c 225 in de eerste kamer zaten 75 leden zitten nog steeds 105 Dat is voor de tweede kamer dus antwoord a 29 Wie bepaalt
wie er Wethouder wordt van een gemeente een gemeente is een stad met of een dorp met omliggende gebieden eromheen a de kiezers b De gemeenteraad of C de burgemeester het goede antwoord is B de gemeenteraad bij de verkiezingen wordt er gekozen voor partijen die in de gemeenteraad komen en de gemeenteraad kiest de Wethouder de wethouders de wethouders voeren dan het beleid in de gemeente uit hoe heet de voorzitter van de gemeenteraad a Burgemeester B Wethouder of c gemeenteraad voorzitter het goede antwoord is a dat is de Burg Burgemeester 31 is een open vraag Noem een
paar taken van de gemeente nou Je kunt bijvoorbeeld denken aan het bouwen van een theater of een zwembad het aanleggen van een fietspad of het bouwen van woningen op een plek de veiligheid vergunningen afgeven en het uitvoeren van landelijk beleid dus de wetten uit het land moeten ook in de gemeente worden uitgevoerd 32 Hoe heet de belangrijkste wet in Nederland a hoofdwet b Democratische wet of c grondwet de Grondwet antwoord C is de belangrijkste wet in Nederland 33 Wat staat er in de Grondwet Dat is een open vraag hij staan twee dingen in de Grondwet
eh allereerst de grondrechten nou bijvoorbeeld eh de vrijheid van meningsuiting de vrijheid van godsdienst het verbod op democratie het kiesrecht dat zijn grondrechten en de manier waarop onze democratie werkt 34 Wat betekent de wetgevende macht open vraag deze macht bepaalt wat de wetten en de regels in een land zijn Maar wie heeft die wetgevende macht in Nederland a Het Kabinet B de koning c het parlement en de regering het goede antwoord is c het parlement de Eerste en de Tweede Kamer en de regering en wie heeft dan de uitvoerende macht dus wie voert die wetten
uit a de reger B de koning of C de Eerste en de twede kamer Hier is het goede antwoord a dus het parlement en de regering eh die hebben met de wetten het wet te maken van doen en de regering Voert de wetten uit hoe heet de derde macht We hadden de wetgevende macht de uitvoerende macht en wat is die derde macht a juridische macht B controlerende macht of c rechterlijke macht dat is antwoord C de rechterlijke macht de rechter toetst of eh mensen zich aan de wet houden of instanties zich aan de wet houden
38 Wat betekent scheiding der machten a iemand wil niet meer met zijn partner verder leven B elke macht heeft zijn eigen taken of C de minister-president is de baas het goede antwoord is B elke macht heeft zijn eigen taken dus de rechterlijke macht de uitvoerende macht en de wetgevende macht Dat maakt dat niet één iemand de baas is in Nederland 39 mag je alles zeggen wat je wilt in Nederland A ja b nee c dat lichte raam beetje discutabel maar het goede antwoord is c het ligt eraan want er is vrijheid van meningsuiting dus je
mag zeggen wat je denkt maar er is ook een verbod op discriminatie bijvoorbeeld en als je iemand discrimineert dat mag dan weer niet dus je moet kijken wat je zegt en respect houden voor elkaar een andere grondrecht Wat betekent vrijheid van godsdienst a Je mag kiezen of en wat je gel of B de regels van je religie zijn bepalend het goede antwoord is a Je mag kiezen of je gelooft en ook wat je gelooft maar de regels zijn niet bepalend je moet je houden aan de wet dat is nog het belangrijkste 41 je kijkt samen
naar het nieuws Het gaat over het bestuur van de provincie Gelderland je partner vraagt wat doet zo'n bestuur Wat kun jij het beste zeggen a ze bedenken waar nieuwe huizen komen B ze maken wetten over bouwen en verbouwen of c ze zeggen of je je huis mag verbouwen het goede antwoord is a ze bedenken waar nieuwe huizen komen die wetten Dat gebeurt op een landelijk niveau en zeggen of je je huis mag verbouwen Dat is een laag on dat is het gemeentelijke niveau dat zeggen daar beslissen de gemeentes over 22 je leest een folder van
een politieke partij daarin staat passief kiesrecht Wat is dat ik heb het al genoemd a andere mensen mogen op jou stemmen B Je mag alleen in je eigen gemeente stemmen of C Je mag stemmen maar niemand mag jou kiezen passief kiesrecht betekent dat andere mensen op jou mogen stemmen het actieve kiesrecht betekent dat jij mag stemmen en in Nederland heb je kiesrecht samen het actieve en het passieve kiesrecht dus jij mag stemmen en andere mensen mogen ook op jou stemmen 43 je dochter maakt op school een werkstuk met een groepje een jongen wil de le
zijn Hij zegt dat meisjes geen goede leiders zijn wat kan je dochter het beste doen A niet zeggen en bij een ander groepje gaan zitten b zeggen dat de jongen de leider mag zijn of c zeggen dat meisjes net zo goede leiders zijn als jongens het goede antwoord is C in Nederland in de wet staat dat mannen en vrouwen gelijk zijn dus dat is een grondrecht dus antwoord C is het juiste antwoord nog drie je praat met je collega over politiek je collega zegt ik ga niet stemmen Ik kan toch niet weten wat al die
partijen willen Wat kun jij het beste zeggen a je kunt dit vragen als je gaat stemmen B Je kunt het beste de partij kiezen waar ik op stem of c je kunt informatie krijgen via TV internet of de krant het goede antwoord is c Hij moet zelf informatie zoeken maar dat kan heel makkelijk op internet of via de tv als er een verkiezing is wordt er heel veel informatie gegeven 45 je collega vraagt waarvoor kan men stemmen in Nederland Wat kun jij het beste antwoorden a voor de burgemeester en de eerste kamer b voor de
gemeenteraad en de tweede kamer c voor de minister prident en de ministers Ik hoop dat je na deze video Het antwoord weet het antwoord is B Je kunt stemmen voor de gemeenteraad en de tweede kamer ook voor de provinciale staten en de waterschappen en de Europese Unie 46 je bent met je collega in de stad jullie zien mensen lopen die in het zwart gekleed zijn je collega zegt wat zien die mensen er raar uit Ze moeten normale kleding dragen toch wat kun jij het beste zeggen Ah ja iedereen moet zich kleden volgens de Nederlandse cultuur
B Nee Iedereen mag zelf weten wat voor kleding Hij draagt of c Ze mogen het zelf weten maar de benen moeten bedekt zijn Nou het is een vraag over de vrijheid in Nederland en Da mag iedereen zelf weten wat voor kleding Hij draagt dus Het antwoord is B weer een hele lange video over een moeilijk onderwerp Ik hoop dat het door middel van de vragen duidelijker wordt kijk anders nog een keertje naar de video waarin ik begrippen over regering en wet uitleg kijk ook naar mijn andere video's over andere onderwerpen en dan ben je heel
goed voorbereid voor je examen en dan ga je zeker slagen ik zie jullie graag de volgende keer tot dan